Een betere wereld met een @nder soort geld? (deel 3)

Tijd om pas op de plaats te maken. In twee uitvoerige blogs heb ik aandacht besteed aan de voorstellen en ideeën over @nder geld zoals die door de Social Trade Organisation (STRO) en de bijbehorende ‘banking-software’ Cyclos worden uiteengezet. Deel 1 is hier te vinden, en gaat met name over de betaalfunctie, deel 2 is hier te vinden en gaat dieper in op de leen- en investeerfunctie van het @ndere geld.

Kern van de aanpak

Geld en de inrichting van onze monetaire systeem speelt een niet te onderschatten rol bij de inrichting van onze samenleving. We constateren dat we eigenlijk maar één dominant systeem kennen en we constateren ook dat er nogal wat onhebbelijkheden aan dat systeem kleven. Het geldsysteem is gebaseerd op geldschepping in handen van private partijen die als doel hebben hun eigen winst op korte termijn te maximaliseren. Met name de laatste decennia wordt een steeds groter deel van het geld aangewend voor speculatieve doeleinden en beweegt het geld vliegensvlug van de ene naar de andere kant van de aarde. Dit zorgt voor instabiliteit en verhoogde kans op crises in de reële economie met alle gevolgen van dien. De kosten van reparatie en herstel worden afgewenteld op de belastingbetaler. Geld is een eigen leven gaan leiden en werkt vooral voor een kleine groep rijken en machtigen. Vaak hoor je dat die dingen nu eenmaal zo gaan en zo werken. Dat zijn de wetten van de economie, that’s life deal with it.

De vraag is of dat zo is. Zijn er andere manieren te bedenken die meer vrijheid geven in het bedenken en realiseren van andere doelen en waarden? STRO is daar in ieder geval heel helder in: JA, die andere manieren zijn er. De belangrijkste elementen uit de voorstellen:

  • De vrijheid moet terug om het geld zo te laten werken dat we een meer sociale en duurzame samenleving krijgen. Het geld moet werken voor de mensen en niet andersom.
  • De opkomst van computers en internet zorgt voor geheel nieuwe mogelijkheden om de onderlinge transacties en afspraken binnen een gemeenschap op een goedkope en transparante manier bij te houden en voor je te laten werken. Het basisidee van @nder geld is eigenlijk terug te voeren tot hoe grote bedrijven in hun boekhouding onderlinge leveringen en (schuld-) posities vastleggen (zonder elkaar daar steeds kosten voor in rekening te brengen, althans de spelregels van afhandeling zijn intern bepaald).
  • De vraag is dus niet óf er een andere manier van geld komt maar wanneer en met welke eigenschappen. De opkomst van Bitcoins laat dat zien. Ook hebben we al betaalsystemen voorbij zien komen die zijn gebaseerd op belminuten die van mobieltje naar mobieltje kunnen worden overgemaakt (gewone banken worden hiermee omzeild) en waarmee je lokaal spullen kunt afrekenen.
  • Nieuwe betaalsystemen zijn niet per se beter of duurzamer. Bitcoins zijn daar weer een voorbeeld van. Het blijft dus opletten geblazen.
  • Een nieuw systeem (@geld) moet bij voorkeur weer vertrekken vanuit economische prikkels voor de deelnemers (er moet iets te halen zijn). Ideële doelstellingen zijn prima maar zijn op termijn onvoldoende om het systeem in de lucht te houden en in de goede richting te laten werken.
  • @nder geld gaat het huidige systeem niet vervangen. Er komt gewoon meer keus, meer concurrentie. Beide systemen zullen naast elkaar blijven functioneren.
  • Sterker nog: de betaalfunctie van @nder geld is gebaseerd op de oude Euro als onderpand of borg! Met die oude Euro als borg en zekerheid wordt een tijdelijke ‘window’ gecreëerd waarin lokaal handelen een voorrangspositie krijgt.
  • Die voorrangspositie wordt afgedwongen (uitgelokt, zo je wilt) door in de ‘spelperiode’ regels aan het @ndere geld mee te geven. De banksoftware houdt precies bij in hoeverre aan de regels wordt voldaan.
  • Handig is dat het nieuwe geld op deze manier makkelijk kan worden ingevoerd zonder eerst allerlei nieuwe juridische of politieke vraagstukken te hoeven oplossen.
  • Het verdienmodel van het @ndere geld is het benutten van lokale overcapaciteit (werkloosheid, leegstand). In de Keynesiaanse literatuur wordt zo’n paradoxale situatie ook wel een onderbestedingsevenwicht genoemd. Het @ndere geld is in staat de hele economie als het ware met de eigen haren uit het moeras te trekken. De Keynesiaanse ‘Multiplier’ in een nieuw jasje! Lokaal (meer) besteden betekent lokale inkomsten betekent lokale winst en dus weer lokale productie. Er wordt dus pas ‘gelekt’ naar buiten als het lokaal weer op orde is.
  • Bij het lenen van geld (voor ondernemers) geldt ook een dergelijk win-win principe. Als een investering doorgang vindt dan hebben toeleveranciers daar ook voordeel van. Bij het oude geld zijn toeleveranciers als het ware ‘free-riders’ (zij krijgen voordeel in de schoot geworpen omdat iemand anders een zwengel aan de economie geeft). Bij het @ndere geld gaan die toeleveranciers meebetalen aan de plannen van de nieuwe investeerder/ondernemer. Weer is de aanname dat sprake is van overcapaciteit en onderbezetting (anders gaat de toeleverancier niet lekker meewerken).
  • Bij de leenfunctie is een ander niet te versmaden verdienmodel dat de bank als dure tussenschakel wordt verwijderd. Geld lenen kost geld maar ditmaal blijft dat geld in de eigen gemeenschap.

Als ik dit lijstje zo uit mijn hoofd aan het intikken ben, merk ik weer hoe complex de situatie is. Ik wilde een kort lijstje met punten maken maar bij elk punt heb ik weer de neiging er allerlei mitsen en maren en uitleg bij te zetten. Ik weet zeker als ik dit lijstje later nog eens teruglees dat ik het niet vind kloppen, dat het anders, korter, langer kan.

En dat is meteen een mooi bruggetje naar …..

Succes- en faalfactoren

Indachtig de economische prikkels (van hierboven), laten we de belangrijkste partijen in het @ndere geld systeem eens nalopen. Waarom zouden zij meedoen? Hoe worden zij er beter van?

  • Overheden. Deze vindt ik het makkelijkst. Op het moment dat de economie op een hoger niveau gaat draaien, zijn er alleen maar voordelen. Er zijn meer banen, dus minder uitkeringen. Bovendien komen er bij elk rondje ‘binnenlandse’ bestedingen nieuwe mogelijkheden voorbij om belastingen te innen.
  • Ondernemers (met een goed plan, investeerders). Redelijk onverwacht lijkt dat ook een no-brainer. Je laat je toeleveranciers meebetalen aan jouw plannen. Het is misschien wel wat meer moeite (qua tijd en onderhandelingen) maar je krijgt meteen een vliegende start. Lenen tegen een rente van 0%, welke ondernemer wil dat nu niet? Het opbouwen van een stroppenpot (met inleg van toeleveranciers en overheid) beperkt de risico’s ook nog eens, wat weer tot meer investeringen kan leiden.
  • Maar dan de consument. Hier ligt de grootste uitdaging. Op korte termijn komt het er gewoon op neer dat je tijdens de ‘kluisperiode’ minder vrijheid hebt om je geld te besteden. Het is niet de bedoeling dat je de nieuwste smartphone via ebay gaat bestellen! Terwijl je die misschien wél zou willen hebben. Zeker kan het zo zijn, dat diezelfde consument uiteindelijk beter af is met @nder geld (zie de eerdere blogs). De regels zullen (denk ik) altijd iets kunstmatigs moeten hebben om consumenten naar binnen te lokken. Een speciale korting (een entree-bonus) als je deelneemt en een straf (een exit-malus) als je uittreedt of extern wilt kopen. Ik zei eerder al dat het daarom voor de hand ligt als overheden het voortouw nemen door een deel van de betalingen en ontvangsten in @Euro’s te doen.

Laten we er nog een paar langslopen:

  • Er moet voldoende kritische massa in de lokale kring bestaan of ontstaan. Voldoende kwaliteit en diversiteit in aanbod en vraag. Ik zeg niks nieuws maar wel een enorme uitdaging.
  • Ondanks alle gemekker op banken is er onvoldoende besef hoe het huidige geldsysteem werkt. Er is geen besef dat er überhaupt alternatieven zijn. Het is complexe en abstracte materie. Sinds kort is er een data-base beschikbaar over het stemgedrag in de Tweede Kamer. We hebben daar wat in zitten grasduinen en er een paar blogs aan besteed, zie hier. Je moet dan maar eens zoeken hoe vaak ‘geldschepping’ een rol speelt in de discussies.
  • Economie-opleidingen zitten in een vast stramien van neo-klassieke ‘efficient markets’ hypotheses. Fundamenteel nadenken over de rol van geld (en hoe het anders kan) is er nauwelijks bij. Het gaat bijna ongemerkt maar voor je weet zit je in die heersende stroom en gaat dezelfde woorden gebruiken en dingen geloven. Journalisten, adviseurs, het hele spul, zit in deze kokon of filter-bubble.
  • Het @ndere geld werkt alleen (met name) in een situatie van onderbenutting en crisis. Wat dat betreft zou het nu moeten gebeuren, is het moment daar. En het werkt het best bij een relatief armoedige samenleving en economie (daar krijg je het snelst draagvlak om een keer iets anders uit te proberen of op te bouwen). Zodra de economie weer op volle toeren draait, dan komen er oude verleidingen en prikkels in zicht die een vlucht uit @nder geld waarschijnlijk maken.
  • Ik zei al: een ander geldsysteem is niet per definitie beter. Het hangt allemaal af van de ingebouwde spelregels. Dus stelt zich de vraag: wie gaat er over de spelregels? Waarom zou je daar ook niet in jouw richting op kunnen lobbyen?
  • Los van welk geldstelsel je gebruikt: de goederen die gemaakt worden moeten wel in een echte behoefte voorzien, de uren arbeid die je besteedt moeten zinvol zijn, de investeringsplannen moeten kritisch getoetst worden, de uitvoering van de plannen gemonitord etc etc. Een standaard economenreactie zou natuurlijk zijn: maar als de tucht van de markt ontbreekt, waarom zou je dan nog hard werken?, zuinig met materiaal omgaan?, jezelf als manager of directeur niet verrijken ten koste van je werknemers of toeleveranciers? Is er nog wel voldoende drive om met echte innovaties te komen? Zouden we met @nder geld nu ook vliegtuigen en smartphones hebben gehad?
  • Oh ja: op dit moment mag je als particulier maximaal € 150 op je account storten (anders, zo begrijp ik, wordt het gezien als het aantrekken van spaargeld en dat mag alleen onder toezicht van DNB).
  • Misschien wel de grootste uitdaging: er zijn enorme belangen gemoeid met hoe het nu werkt. Er zijn meer dan genoeg mogelijkheden (bekend) hoe je het huidige systeem ook van de scherpste kanten kan ontdoen (speculatie aan banden, hogere buffers, betalen scheiden van sparen). En daar word je al niet blij van.

Exit (voor nu)

Flauw om te eindigen met een lijstje vragen en mogelijke hindernissen. Ook al een cultuur-dingetje denk ik. STRO en Henk van Arkel zijn 25 jaar bezig met dit onderwerp. Dat betekent heel veel denkwerk en vooral veel praktijkervaring. Wie ben ik om daarover te zeuren. Groot respect is hier op zijn plek. Ik moet aan het idee wennen en het nog allemaal laten bezinken. Inmiddels heb ik het andere (had bijna @ndere getypt) en eerdere boek dat door Helen Toxopeus is geschreven in huis. Dat gaat  in op de ontstaansgeschiedenis van Cyclos inclusief de lessen uit de praktijk. Bovendien wordt daar een compleet andere economische theorie ontvouwd. Een wereld met een rente rond de 0%? Een wereld met bloei in plaats van groei? Arkelnomics?

Ik ga daar zeker nog op terug komen, superinteressant.

Rudy van Stratum

Plaats een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*