Tag archieven: taleb

Kritisch kijken naar voorspellingen, Zwarte Zwaan

Soms lezen wij een boek waar we nog vaak op terugkomen. Het boek Zwarte Zwaan van Nasim Nicholas Taleb is zo’n boek. Of het nou zo’n goed boek is weet ik niet, feit is dat het ons wel steeds weer aan het denken zet. Taleb zorgt er voor dat je op een andere manier naar de wereld kijkt. Wij hebben het boek zo’n twee en een half jaar geleden gelezen en komen er dus nog regelmatig op terug. Zo ook in mijn laatste blog (deeleconomie volgens ING), ik wilde daarom graag verwijzen naar onze boekbespreking. Maar, die is er nooit gekomen en ik weet ook wel waarom. Het is een nogal dik boek en wij hadden de ambitie om dat samen te vatten in een aantal infographics en daar omheen een aantal blogs te schrijven. Waarschijnlijk kregen we in die periode een flinke opdracht en ging onze aandacht daardoor even naar iets anders. De boekbespreking en infographics zijn er dus nooit van gekomen.

Hiermee is alvast één van de punten van Taleb bevestigd, veel hangt af van toeval. Hadden wij in die tijd geen grote opdracht gekregen, dan hadden we wel een boekbespreking geschreven. Wie weet wat daar vervolgens allemaal wel niet uit voort gekomen zou zijn. Taleb haalt dit soort voorbeelden regelmatig aan als het gaat om succes, waar komt dat vandaan? Nou bijvoorbeeld omdat een uitgever op een bepaald moment even niets te doen had en niet omdat het ene boek nou zo heel veel beter is dan het andere boek.

In deze blog gaan we de schade een beetje in halen. Allereerst beschrijven we kort wat bij ons is blijven hangen na die twee en een half jaar. Met andere woorden wat is nou voor ons de kern van het boek, waarom komen we er zo vaak op terug? Ten tweede pakken we er een hoop oude schetsen bij. We hadden al best wat op papier staan maar waren niet tevreden. We geven ze onbewerkt een plek in deze blog, ze zijn dus niet af zijn en mogelijk zelfs verwarrend. We hebben die plaatjes toen niet voor niets gemaakt, het zijn belangrijke punten die wij er toen uit gehaald hebben. Als derde helemaal onderaan hebben we een pdf opgenomen van een hoofdstuk uit ons boek “de kunst van het tegendenken”, want je zou ook kunnen zeggen dat Taleb een meester is in het tegendenken.

Wat is blijven hangen?

Voordat ik met deze blog begon heb ik Rudy gevraagd zonder veel nadenken de drie belangrijkste punten uit het boek op te schrijven, zelf heb ik dat ook gedaan. Er zat zoveel overlap in dat onderstaande vier punten overblijven:

  • Arrogantie wetenschap en instellingen. Taleb gaat nogal tekeer tegen wetenschappers en dan vooral economen die pretenderen alles te weten. Volgens Taleb weten we eigenlijk maar heel weinig. Je kunt onderscheid maken in dat wat je weet, dat wat je niet weet en nog een heel groot gebied van allerlei dingen waarvan je niet weet dat je ze niet weet. Daar zitten ook de zwarte zwanen. Want een zwarte zwaan is iets dat er wel is maar waarvan je het bestaan niet eens vermoedt. Hij noemt dit zwarte zwanen omdat in de middeleeuwen in Europa alleen witte zwanen waren. Het idee van een zwarte zwaan was volslagen belachelijk. Alles in de omgeving was een bevestiging van de stelling dat alle zwanen wit zijn. Namelijk, elke zwaan die je ziet is wit en alles dat niet wit is, dat is geen zwaan. Zo is een bruin paard dus ook een bevestiging voor de stelling dat alle zwanen wit zijn. Want, bruin en geen zwaan. Taleb introduceert hiervoor de term antikennis, het niet weten.
  • Denkfouten, wij willen zekerheid en voorspellingen en zijn blind voor toeval. Hier gaat Taleb vooral in op een van de eigenschappen van mensen. We hebben ontzettend veel behoefte aan houvast en zoeken die dan ook overal om ons heen. Eén van de veelgemaakte denkfouten hierbij is de availability bias. We zoeken houvast aan dat wat we toevallig tegenkomen. Zoals Dobelli in zijn boek “de kunst van het heldere denken schrijft” we gebruiken nog liever een verkeerde plattegrond dan helemaal geen plattegrond. Laten we als voorbeeld eens kijken naar ondernemers, hoe zou Taleb kijken naar succesvol ondernemerschap, waarom zijn succesvolle ondernemers succesvol? Je kunt allerlei dingen onderzoeken, maar je kunt ook zeggen ze hebben gewoon heel veel geluk gehad. Juiste moment op de juiste plek. Als je 10 keer dat geluk hebt, ja dan wordt je wel succesvol en heel rijk. 10 keer geluk lijkt heel veel, maar aangezien we het over miljoenen ondernemers hebben komt er uiteindelijk wel wat bovendrijven. Dat willen we dan vervolgens in een patroon gieten. (zie hieronder) . En ja, zo’n patroon is altijd wel te vinden. Die ondernemers hebben allemaal wel wat gemeenschappelijk. En, ja, na verloop van tijd gaan ze natuurlijk ook allemaal zeggen wat ze denken dat ze moeten zeggen. Ik ben een doorzetter, ik neem risico’s, ik zie kansen, bla bla bla.
  • Samenhangend met het vorig punt is het denken in patronen. Er gebeuren natuurlijk constant onverwachte dingen en die willen we dan graag achteraf verklaren. Daar zijn we heel goed in, we kijken dan terug, proberen een patroon te vinden en denken zo de volgende gebeurtenis te kunnen voorspellen. Het is volgens Taleb zelfs zo erg dat we uiteindelijk voor onszelf een verhaal construeren waaruit blijkt dat we de onverwachte gebeurtenis toch hadden zien aankomen.
  • Ons vierde punt is het belang van extreme gebeurtenissen. Deze zijn heel bepalend voor het verloop van de geschiedenis. Maar, juist omdat het extreme gebeurtenissen zijn kom je ze niet tegen in de statistieken. Ook al willen wetenschappers je laten geloven dat dat wel zo is.

Ter illustratie van deze vier punten een mooi voorbeeld dat Taleb geeft. Het gaat over een gesprek over de crisis die in 2007 / 2008 begon. Iemand houdt een betoog over de omstandigheden die leidden tot deze crisis. Deze omstandigheden zouden zich maar eens in de 10.000 jaar voordoen aldus de spreker. Taleb stelt terecht de vraag waar deze kennis vandaan komt. De man zelf is beslist geen 10.000 jaar oud, de bedrijven waar hij over praat ook niet, sterker nog de economie waar hij het over heeft bestond 10.000 jaar geleden nog niet eens. Hoe kan je dan beweren dat de kans zo klein is?

Een ander punt dat me is bijgebleven is dat Taleb tegen alles en iedereen aanschopt. Je zou haast denken dat hij de enige is die weet hoe het zit. Schoppen tegen de speltheorie leidt tot een vermakelijk voorbeeld. De enige plek waar speltheorie werkt zegt hij is in het casino. Daar zijn de omstandigheden zo gecreëerd dat alles volgens de statistieken loopt. Taleb geeft een mooi (fictief) voorbeeld over taxichauffeur Toni met wijsheid van de straat en een wetenschapper. Als je een eerlijke munt opgooit, wat is dan de kans op kop? 50% zeggen beide. Maar wat nu als het 10 keer munt is, wat is dan de kans op een kop. “Nog steeds 50%” zegt de wetenschapper. Toni denkt er anders over, “natuurlijk veel minder dan 50%, jij zegt wel dat die munt eerlijk is, maar dat is natuurlijk helemaal niet zo,”. En precies zo zit volgens Taleb het hele leven in elkaar. Je denkt dat het volgens regels en patronen verloopt, maar het is een zooitje.

Plaatjes die zijn blijven liggen

Dan hebben we een hele serie plaatjes gemaakt die allemaal iets zeggen over het boek. Het zijn allemaal plaatjes die nog niet af zijn en we gaan ze ook niet meer afmaken. Misschien dat deze blog aanleiding geeft om nog alsnog ergens mee te komen, we sluiten niks uit. We bespreken de plaatjes omdat we daarmee ook weer ophalen wat we destijds interessant vonden. Daarnaast vinden we het leuk om deze schetsen te delen omdat ze ook een beetje onze werkwijze weergeven, over en weer pingpongen met teksten en plaatjes om daar uiteindelijk iets uit te destilleren (of om de hele boel ongebruikt in een mapje op de computer te laten zitten). Het is een werkwijze die we overigens bij sommige van onze klanten toepassen, uiteraard afhankelijk van de vraag en het onderwerp.

Eerste plaatje: Iets met grafieken

Als Taleb ergens een hekel aan heeft dan is het wel aan de ‘normale verdeling’ gesymboliseerd door de klokvormige kromme. Want deze grafiek geeft aan, veel zit rondom het gemiddelde en aan de uiterste zijden (de extremen) zit heel weinig. Natuurlijk kloppen dit soort grafieken als je gaat kijken naar bijvoorbeeld de lengte van kinderen op de basisschool of de gemiddelde temperatuur op een bepaalde dag in de afgelopen jaren. Maar, zo zegt Taleb, we gebruiken dit te vaak voor situaties waarin dat helemaal niet mag. Extremen vind je in zo’n grafiek niet terug. Taleb beweert dat onze wereld juist voor een heel groot deel bepaald wordt door deze extreme gebeurtenissen. Extremen zie je ook terug in bepaalde vakgebieden, zoals bijvoorbeeld schrijvers. Er worden veel boeken verkocht en per schrijver is het gemiddeld aantal verkochte boeken best hoog. Maar, dat beeld wordt voor een groot deel bepaald door een aantal uitschieters, auteurs van bestsellers die in hun eentje 100 miljoen boeken verkopen. The winner takes it all. Taleb zegt dat we in ‘extremistan’ leven, een wereld die aan elkaar hangt van extremiteiten maar dat we handelen alsof we in ‘mediocristan’ leven, een wereld die voldoet aan klokvormige curves en de statistiek van dobbelstenen en knikkers in een vaas.

zwarte zwaan 2-06 (2)

Tweede plaatje: patronen

Je zou kunnen zeggen dat we ons altijd op een kruispunt in de geschiedenis bevinden, het nu. We weten voor een deel wat er in het verleden is gebeurt en de toekomst ligt nog voor ons. We willen ons graag voorbereiden op de toekomst en hebben alleen het verleden als bron van informatie om die toekomst te voorspellen. We zoeken daarom naar patronen die we kunnen extrapoleren. In deze figuur, na driehoekjes volgen vierkantjes, dan vijfhoekjes, vervolgens duikt er een zeshoekje op. Dit lijkt een patroon en een zevenhoek lijkt het logische gevolg. We vergeten daarbij in ieder geval twee dingen. Ten eerste dat we selecteren met als doel tot een patroon te komen. Dingen die niet in het patroon passen strepen we dus weg. Ten tweede dat ons blikveld beperkt is, we weten gewoon niet alles. In de figuur gesymboliseerd door de spiraal, een totaal andere vorm, nog nooit gezien, maar wel aanwezig en mogelijk in de toekomst heel relevant.

zwarte zwaan 2-01Derde plaatje snappen we zelf ook niet meer.

Dit is ook één van de plaatjes die nog op de computer stonden, helaas snappen we zelf ook niet meer helemaal wat we er mee wilden vertellen. Daar moeten we het dan ook maar bij laten. Anders maken we de fout die Taleb zo verafschuwd, een verhaal bedenken om te zorgen dat iets (een gebeurtenis, of dit geval een plaatje) op een logische plek terecht komt. Dat doen we dus niet.

zwarte zwaan 1-05Vierde plaatje,bevestiging is geen bewijs.

Dit plaatje hebben we voor een groot deel overgenomen in ons boek over tegendenken. De boodschap, als iets je stelling bevestigt is dat nog geen bewijs voor de stelling. Spreekt verder voor zich. (het voorbeeld van de kalkoen komt veelvuldig terug in het boek)

zwarte zwaan 1-04Plaatje 5, niet te voorspellen, wel te verklaren

Ook hier gaat het weer om patronen, arrogantie en illusies. Achteraf is het voor je buurman heel makkelijk om te verklaren waarom jij je geld niet bij een bepaalde bank had moeten onderbrengen. Maar, toen deze bank nog niet failliet was, was er vrijwel niemand die je er voor waarschuwde. En zeker niet je buurman. Blijkbaar was het toen helemaal niet zo duidelijk.

zwarte zwaan 1-03 (2)Plaatje 6, we denken dat we deze nog wel snappen

Dit plaatje is nog wel te begrijpen. Centraal staat het begrip narratieve misleiding. Hiermee wordt bedoeld het construeren van een verhaal waardoor onverwachte gebeurtenissen gewoon in het patroon passen. Met andere woorden, we hoeven ons geen zorgen te maken, het was wel gek wat er gebeurde, maar eigenlijk ook heel logisch als je in ogenschouw neemt dat … en dat.. etc. Met narratieve misleiding hadden we een mooi verhaal over het derde plaatje kunnen schrijven, hoe het in het geheel past, wat het vertelt etc. Terwijl het gewoon een misbaksel was. Het gevaar waar Taleb op wijst is dat door narratieve misleiding mensen minder kritisch en waakzaam worden. Waardoor er juist meer onverwachte gebeurtenissen plaats zullen vinden.

zwarte zwaan 3-01 (2)

Plaatje 7, samenvatting van het boek op één A4.

Als laatste afbeelding een samenvatting van het boek op één A4. Het is duidelijk dat aan de opmaak nog heel wat gedaan moest worden, desondanks geeft het een aardig beeld van de kern van het boek.

samenvatting zwzwLink naar ons boek

Tot slot, in ons boek de “kunst van het tegendenken” hebben we een hoofdstuk gewijd aan het boek Zwarte Zwaan. Want, tegendenken helpt je om kritisch naar je eigen plannen te kijken. Maar tegendenken helpt niet bij het anticiperen op zwarte zwanen. Onze conclusie aan het eind van dit hoofdstuk, verwacht het onverwachte. Klik op deze link voor een pdf van dit hoofdstuk, of klik hier om ons boek te kopen.

Stijn van Liefland

 

Het succes van Elon Musk verklaard (ondernemerschap)

Het is alsof de duivel ermee speelt.

Afgelopen zomer heb ik met veel plezier de biografie over Elon ‘Tesla’ Musk gelezen (geschreven door Ashlee Vance, zie voor een bespreking bijvoorbeeld deze link). Enkele jaren geleden heb ik een serie blogs geschreven over ondernemerschap. Ondernemerschap heeft een dubbel gezicht: enerzijds is het een centraal paradigma in onze economie en welvaart, anderzijds is het een overschat fenomeen omhuld met mythevorming (meer hierover, zie serie blogs boek Koen Haegens).  Zelfs de schaapherder moet tegenwoordig een echte ondernemer zijn! Ondanks het grote belang van ondernemerschap is het (naar mijn mening) een grotendeels onbegrepen fenomeen zowel in de economie als in de psychologie.

Elon Musk zie ik als een goed voorbeeld van gewenst ondernemerschap. Dus is zo’n biografie dan niet een mooi moment om eens te kijken hoe dat nu werkt bij zo’n ondernemende man die meerdere malen achtereen succes boekt en bijdraagt aan nieuwe technieken en oplossingen en zelfs een maatschappelijke impact heeft? Het is natuurlijk geen wetenschap maar toch krijg je via zo’n boek een inkijkje in het brein van een echte en succesvolle ondernemer.

Ik stond vorige week al in de startblokken om een eerste blog over dit boek en wat het mij leert over ondernemerschap te schrijven. En natuurlijk was ik op de hoogte van de fraaie bespiegelingen van Tim Urban op de frisse site ‘Wait but Why’ (WBW). Urban heeft het zelfs zo ver geschopt met zijn blogs dat hij door Elon Musk is uitgenodigd een bezoek te brengen aan de fabriek van Tesla. Om jaloers op te worden. Niet alleen dat maar ook de spontane manier van schrijven, de diepgang, de vele volgers, kortom: voor mij een voorbeeld.

Aanvankelijk was het onderzoek van Tim Urban vooral gericht op het (on)nut van elektrische auto’s en of dat wel/niet een bijdrage levert aan het milieu. Maar allengs raakt hij geïnteresseerd in de verklaring van het succes van Musk. Wat doet deze man/ondernemer anders dan andere mensen? En hierover verscheen bijna gelijktijdig met mijn eerste zinnen die ik begon te typen de laatste blog van Urban over Elon Musk. Schrik niet: het is een gewoon blog maar heeft het formaat van een klein boekje (maar origineel en boeiend, dus no problem). En dan doet ‘De Correspondent’ het een paar dagen daarna nog eens dunnetjes over met een lofzang op WBW.

Nu ik enigszins van de schrik ben bekomen, heb ik de pen weer opgepakt.

Wat ga ik doen?

  • Iets vertellen over de levensloop van Elon Musk. Niet te lang, op hoofdlijnen. Maar heb je een beetje een beeld van de wie hij is en wat hij heeft gedaan.
  • De verklaring van het succes van Musk volgens Tim Urban.
  • Mijn verklaring van het succes van Musk, aansluitend op de eerdere serie over ondernemerschap.

Musk the man

Elon is een jongen die opgroeit in Zuid-Afrika. Hij heeft een broer en een zus. Hij heeft iets van een nerd die gefascineerd is door computers. Op jonge leeftijd stuurt hij een programma in voor een computertijdschrift en wint daarvoor een prijs. Op school wordt hij soms gepest. Maar vooral ook leest hij graag en veel, zijn lievelingsboeken zijn science-fiction boeken. Als zijn ouders scheiden besluit hij als enige bij zijn vader te gaan wonen. Zijn vader heeft de bijzondere gave het op de een of andere manier vervelend voor hem te maken (vandaar dat de andere kinderen kiezen voor de moeder). Na zijn middelbare school vertrekt Elon via familie naar Canada om via een periode van wisselende baantjes uit te komen in de VS (Californië). Hij begint aan een studie maar maak die niet af. Hij wordt te veel getrokken door de opkomst van internet en wat hij daar kan betekenen. Hij schrijft brieven naar mensen die hij interessant vindt om een gesprek aan te knopen en stage te lopen (o.a. bij een bank). Na een tijdje begint hij voor zichzelf om software te ontwikkelen onder de naam Zip2. Het idee is om de gouden gids te digitaliseren zodat gebruikers ook kunnen zien waar ze iets kunnen bestellen/eten etc. Hij gaat zelf de boer op om klanten (bedrijven die op de digitale map komen en daarvoor willen betalen) te werven en presentaties te geven over de enorme mogelijkheden van het product. Na een tijdje wordt het bedrijf overgenomen en is het eerste grote geld binnen.

Musk besluit niet bij het bedrijf te blijven en start al snel met een nieuw bedrijf (X.com). Uit de eerdere praktijkervaring bij de bank weet hij dat bankzaken veel beter en handiger kunnen met de nieuwe internettechnologie. Iets simpels als geld overmaken van de ene naar de andere rekening duurt meerdere dagen terwijl dat een kwestie van seconden kan zijn. Dat moet dus beter! Ook hier weer hetzelfde verhaal: een ander bedrijf is met iets soortgelijks bezig en uiteindelijk gaan de bedrijven samen. Ook hier blijft Musk niet omdat er buiten hem om besluiten worden genomen die hem niet bevallen. Weer krijgt hij een grote som geld. Uiteindelijk is uit dit bedrijf het bedrijf Paypal voortgekomen.

En weer komt de vraag op: wat zal ik nu eens gaan doen? Met een stapel geld en een schone agenda pakt Musk (eindelijk) zijn jeugdliefde weer op. Sciencefiction, techniek, ditmaal geen software. De mens moet ook zonder de aarde blijven voort bestaan en zich eventueel verplaatsen naar andere ruimte-nederzettingen. Hij vindt een club van Mars-liefhebbers die regelmatig bij elkaar komt om na te denken over een missie naar Mars. Hij sponsort de club en wordt een soort erelid. Al snel pakt hij de Mars-draad op en vindt dat het niet snel genoeg gaat. Inmiddels heeft hij via de Mars-club een netwerk aan deskundigen en besluit een team te formeren dat echt werk gaat maken van een Mars-missie. Uiteindelijk wordt dat het bedrijf SpaceX dat helemaal vanaf 0 opnieuw gaat uitvinden hoe je een fysiek ding de lucht in kan krijgen. Het duurt allemaal veel langer dan hij vooraf had ingeschat en kost vooral heel veel geld zonder dat er een dubbeltje inkomsten tegenover staat. Na veel vallen en opstaan en bijna-faillissementen slaagt het bedrijf er in om commerciële vluchten naar de bestaande ruimtestations aan te bieden. Het gaat niet om bemande vluchten maar om het bevoorraden van de ruimtestations. SpaceX kan die vluchten uiteindelijk leveren tegen een veel lager tarief dan de concurrenten dat kunnen doen. En die concurrenten zijn overigens Russen en Chinezen, blijkbaar zijn de Amerikanen zelf niet meer in staat de ruimtetransporten te verzorgen. En de techniek die door de Russen en Chinezen wordt gebruikt leunt nog sterk op wat er in de jaren 60 is bedacht en gemaakt. De nieuwe ict-technieken zijn nog nauwelijks doorgedrongen in de ruimtevaart.

In deze woelige tijd wordt het netwerk van Musk nog groter. Ruimtevluchten worden voornamelijk betaald uit overheidsgeld en dus zijn er contacten op hoog politiek niveau. Er verschijnen interviews met Musk en hij wordt een bekendheid. Het bedrijf Tesla bestaat op dat moment al en heeft financiële problemen. Musk raakt in gesprek en van het een komt het ander. Hij gaat zich met Tesla bemoeien, wordt (mede-) eigenaar en heeft nu twee bedrijven te runnen. Geen half werk, dus geen hybride auto’s maar uitsluitend puur elektrische auto’s. De strategie is om auto’s te ontwikkelen die het hoogste segment van de markt aanspreken: snel, sexy en duur. Ook hier gaat weer van alles mis en ook weer veel vallen en opstaan. Het probleem zit vooral in de beschikbaarheid (en veiligheid) van voldoende nieuwe Lithium accu-cellen. Tesla is daarbij vooral afhankelijk van Panasonic. Ook deze bottleneck irriteert Musk en hij gaat zelf (betere) accu’s produceren in een nieuwe fabriek. En als je het dan goed wilt doen (en de hele keten van automobiliteit wilt beheersen) dan moeten deze accu’s gevuld worden met zonne-energie dus wordt ook een fabriek van zonnepanelen overgenomen. Het uiteindelijke doel van Tesla is overigens een goedkope auto voor de massa te fabriceren die volledig elektrisch is en helemaal wordt geladen vanuit zonne-energie. Rijders van Tesla kunnen nu al in de VS gratis stroom ’tanken’ bij de aangesloten tankstations. Omdat het hervullen van de accu’s nog relatief lang duurt kan de rijder er ook voor kiezen de lege accu’s snel te laten wisselen voor volle accu’s tegen betaling van bedrag dat overeenkomt met een goedkope tank gas. De productie van alle spullen gebeurt zoveel mogelijk op Amerikaans grondgebied. Musk kan zich flink opwinden over het gemak (het gebrek aan trots) waarmee Amerikanen zaken uitbesteden en zelf niet meer aan het roer van de innovaties staan.

Dus inderdaad lijkt de missie van Elon Musk te zijn:

  • Zorgen dat de mens nog wat langer op aarde kan vertoeven (korte termijn, beperken van milieuschade).
  • Zorgen dat de mens uiteindelijk ook buiten de aarde verder kan (langere termijn, als het hier dan toch nog een keer fout afloopt).

Vanzelfsprekend laat ik heel veel essentiële informatie uit de biografie weg maar je krijgt een beeld van de man en van wat hij doet. Ik vul de biografie op onderdelen nog aan in het vervolg van deze blog.

Het succes van Musk volgens WBW

Zoals gezegd is ook Tim Urban van WBW geïntrigeerd door de persoon Elon Musk. Waar Urban aanvankelijk vooral geïnteresseerd was in de elektrische auto’s van Tesla (een mooie duik in de filosofie van duurzaamheid in de eerste blog over Tesla), is zijn onderzoek geleidelijk aan verschoven naar de persoon achter die grote missie en het verklaren van het succes. Vorige week verscheen dan de langverwachte vierde aflevering in de reeks over Musk en Tesla (zie deze lange blog over Elon Musk van ‘Wait but why’).

Ook nu geldt weer dat ik niet het hele betoog van Urban recht kan doen. Bottom-line is dat ik niet overtuigd ben van de verklaring van WBW en Tim Urban. De filosofie achter het succes is wel prima maar verre van volledig. Het is een deelverklaring op zijn best. En ook nog eentje die bijdraagt aan de mythevorming over ondernemerschap in het algemeen en Musk in het bijzonder.

Het begint allemaal bij het vaststellen van wat je wilt bereiken (als ondernemer). WBW geeft dat als volgt weer:

ScreenShot017

Maar niet alles wat je wilt bereiken is ook mogelijk. Dus jij moet ook kijken naar wat (technisch, praktisch etc) mogelijk is. WBW geeft dat als volgt weer:

ScreenShot018

Wat je wilt (WANT) is een verzameling aan opties. Wat technisch mogelijk is (’things that are possible’, REALITY) is ook een verzameling aan opties. Sommige dingen die je wilt zijn wellicht niet mogelijk en sommige dingen die mogelijk zijn wil je helemaal niet. Het gaat dus om de overlap van beide verzamelingen: dat wat je én wilt én die ook kunnen in de werkelijkheid. WBW noemt dat de ‘GOAL POOL’, de verzameling van doelen die mogelijk én gewenst zijn.

Uit die GOAL POOL kun je dus een doel kiezen (GOAL SELECTION).

ScreenShot019

Nu je dus een doel voor jezelf hebt geformuleerd (uit die POOL) gaat het er om dat je een strategie formuleert om dat doel te bereiken. De strategie is de weg die je moet of wil lopen van wens naar realiteit. Het zijn de stappen die je achtereenvolgens moet zetten om je gewenste situatie om te zetten in de feitelijke situatie.

So far so good. De rest van het betoog van WBW gebruikt dit plaatje om voor Musk te analyseren hoe zijn succes wordt bepaald. De analyse komt er (volgens mij) in essentie op neer dat Musk met name 2 dingen goed (of anders) doet:

  1. Musk heeft een hele grote verzameling aan mogelijkheden. Dus de verzameling REALITY (geel hierboven) is bij hem heel groot. Je zou misschien kunnen zeggen dat Musk niet zomaar aanneemt dat iets niet kan. Hij heeft een ingebakken overtuiging dat veel kan waar anderen wellicht op voorhand al denken dat het niet kan.
  2. De strategie van Musk (om dat doel dat hij heeft gekozen te bereiken) is dat hij systematisch doorvraagt en daarbij niets voor vast of gegeven aanneemt. Een ander element van die strategie is dat Musk steeds ‘from scratch’ iets bedenkt of opbouwt. Hij begint het idee of het ontwerp of het bouwen dus helemaal vanaf 0 en gaat vanaf daar stap voor stap naar de gewenste situatie.

Nog korter gezegd is de strekking van het WBW-verhaal dat Musk de wetenschappelijke methode toepast. Niets wordt voor waar aangenomen tenzij het eerst zelf is onderzocht. De rest van de mensheid neemt met andere woorden te snel aan dat iets niet kan (of vertrekt te snel vanuit iets bestaands waar men dan maar van aanneemt dat het klopt). Het bekende voorbeeld wordt hier gegeven uit de tijd dat men dacht dat de aarde plat was. Dat was immers een hele logische conclusie: als de aarde rond zou zijn dan zou het water er vanaf lopen. Afijn, toen er dus iemand kwam die dit niet langer geloofde en kon verklaren waarom de aarde dus wel rond moest zijn en het water er toch niet vanaf liep.

Musk dus als een systematische tegendenker en fundamenteel onderzoeker. Niet een wetenschapper per se overigens. Wel iemand die voortdurend in zijn achterhoofd houdt of iets ook praktisch kan worden uitgevoerd, die nadenkt over waar het ‘in de praktijk’ toe leidt.

Hoewel ik deze eigenschappen van Musk uit de biografie wel herken, vind ik de verklaring van WBW te mager. Zou het dit nu zijn wat Musk tot een succesvol ondernemer maakt? Is het nodig dat een ondernemer voortdurend alles ter discussie stelt (op een praktische manier, dat dan weer wel) om succesvol te zijn? Nee, het is een deelverklaring en wellicht is dat deel van de verklaring lang niet zo belangrijk als hier wordt gesuggereerd.

Waarom is dit in mijn ogen onvoldoende overtuigend als verklaring? Mijn eerste antwoord is:

  1. Er zijn genoeg mensen die alles ter discussie kunnen stellen (goed kunnen tegendenken, niets voetstoots voor waar aannemen) en toch geen ondernemer zijn of worden. Laat staan een succesvolle ondernemer.
  2. Er zijn genoeg ondernemers die gewoon denken zoals de meeste mensen denken en dus vertrekken vanuit ‘common wisdom’ of boerenwijsheid. Het zijn ondernemers die succesvol zijn in een bekende business waar het niet zozeer gaat om innovatie maar meer om iets gewoon goed (of snel, of goedkoop, of vriendelijk, of betrouwbaar, of klantgericht) doen.

Voor mijn tweede en meer uitgebreide antwoord pak ik terug op de serie over ondernemerschap die we een paar jaar geleden hier hebben geschreven.

Ondernemerschap volgens SL

De serie blogs van destijds heeft Stijn als volgt samengevat en gevisualiseerd:

ScreenShot020

We zien duidelijk de parallel met het verhaal van WBW. Het begint bij een wens om iets te willen bereiken. Dat is hierboven ‘Drive’ aan de linkerkant van het plaatje. Bij WBW was dat WANT. Aan de andere kant van het spectrum staat hierboven DOEL. Bij WBW was dat REALITY of misschien eerder nog GOAL SELECTION. Het pad dat je moet bewandelen om van links naar rechts te gaan, van wens naar realisatie, van hoe het nu is naar hoe het zodadelijk is, is de strategie. In het plaatje hierboven is de strategie beschreven met de kreet ‘ondernemen is een middel’.

Een paar overwegingen:

  • WBW legt de nadruk op de eigenschap van een ondernemer om veel voor mogelijk te houden. De rechterkant is als het ware groot waardoor een hoog doel kan worden gesteld (of kan worden gekozen uit een grote verzameling). Mijn verwondering bij veel ondernemers ligt juist aan de linkerkant van het spectrum. Wat maakt het dat die ondernemer zo veel energie wil stoppen in het doel dat hij voor zichzelf heeft gesteld? Waar komt die drive vandaan? Dat is veel meer een raadsel dan dat je de wetenschappelijke methode toepast. Is het niet veel logischer om te denken dat er heel veel mogelijk is maar vervolgens genoegen te nemen met wat er nu (al dan niet beperkt) is? Op een platte aarde leven: dat kan prima ook al weet ik dat het ook best zou kunnen dat ie rond is. Kortom: ik kom niet in actie alleen door het feit dat ik overal vragen bij stel en mijn voorraad doelen en mogelijkheden kan uitbreiden. Ik kom pas in actie als ik een vurige wens heb van binnenuit om iets te bereiken, iets te veranderen, iets in gang te zetten.
  • WBW legt bij de strategie de nadruk op ‘from scratch iets opbouwen’. Hierboven in het lichtblauwe deel is de strategie niet zozeer een strategie maar eerder een aantal voorwaarden waar aan voldaan moet zijn om tot succesvol ondernemen te komen. Die voorwaarden hebben we afgeleid uit wat daar in de psychologie over wordt geschreven. Je kunt het lichtblauwe deel (de noodzakelijk voorwaarden voor succes) zien als een matrix met vier kwadranten. De bovenste twee kwadranten staan voor de interne kant van het ondernemerschap, de onderste twee voor de externe kant van het ondernemerschap.
  • De bovenste twee kwadranten: hier gaat het over de eigenschappen die je als ondernemer moet hebben. Opvallend daar is bijvoorbeeld de eigenschap ‘gebruik maken van de omstandigheden die zich voordoen’. Een ondernemer (zo lezen wij het beeld dat toen ontstond) is juist goed als hij pragmatisch of opportunistisch kan meepakken wat zich spontaan aan hem voordoet. Over het systematisch doorvragen als eigenschap: in de geschiedenis zie je meerdere voorbeelden van uitvinders die jarenlang aan een vinding werken waarbij een handige ondernemer er uiteindelijk met de vinding vandoor gaat. Misschien is de verklaring van WBW er eerder een van een filosoof of uitvinder of (praktisch ingestelde) wetenschapper maar niet een van een ondernemer. Zo’n ondernemer laat misschien een ander liever het tegendenkwerk uitvoeren want dat is immers relatief tijdrovend en kostbaar. Beter goed gejat dus.
  • De onderste twee kwadranten: hier gaat het om de buitenkant (de omstandigheden, de wereld om hem heen) van de ondernemer. Enerzijds is er een plek nodig die veiligheid biedt (de thuisbasis), anderzijds speelt domweg het toeval of het geluk een grote rol. Er zijn vele duizenden mensen die alles in zich hebben om een goede ondernemer te worden maar niet op het juiste moment op de juiste plek waren. Het is met name Taleb geweest met zijn ‘Zwarte zwanen’ die ons heeft gewezen op het niet willen zien van deze toevalscomponent. Daarom ook is ondernemen vaak een mythisch onderwerp waarbij alleen gekeken wordt naar de paar opvallende en succesvolle zaken. Stijn had het er in de vorige blog over ondernemerschap ook even over: in dat boekje over ondernemende ingenieurs (natuurkundige ondernemers) komen alleen de geslaagden aan het woord. Het kijken naar de mislukkingen is blijkbaar niet waar we onze inspiratie vandaan halen, hoewel ik juist daarvan het idee heb veel te kunnen leren.

Ik heb deze ‘mal’ van ondernemerschap gebruikt om nog eens te kijken naar Elon Musk. Vanzelfsprekend puur en alleen op basis van de biografie. Dus met al die beperkingen. Uiteindelijk was ik niet helemaal tevreden met dat plaatje van toen en heb hem iets aangepast. Daarover gaat het volgende stukje.

Aanpassing van de mal

Ik heb vastgehouden aan:

  • van  start naar finish, van drive of prestatiemotivatie naar droom of stip aan de horizon.
  • aan het kwadrant met eigenschappen en voorwaarden voor ondernemerschap.
  • met in dat kwadrant boven de interne kant: de persoon van de ondernemer.
  • met in dat kwadrant onder de externe kant: de omgeving en de omstandigheden van de ondernemer.

Ik heb alleen wat veranderingen aangebracht in de linkerkant en de rechterkant van het kwadrant. Links heb ik nu de basis genoemd, rechts de schil. Het ene is de harde kern, het andere wat daarom heen speelt of heeft gespeeld. Het ene kun je tot op zekere hoogte kiezen of beïnvloeden, het andere niet of in veel mindere mate.

 

ScreenShot014Wat krijgen we dan?

  • Linksboven: dat is wat ik kan of wat ik doe. Het gaat hier om een mengelmoes van eigenschappen, vaardigheden en overtuigingen. Sommige kun je aanleren en verbeteren, andere niet of minder.
  • Rechtsboven: dat zijn de zaken die me hebben gevormd. Opvoeding, wat ik heb meegemaakt, wie ik heb leren kennen etc. Helder overigens dat dit vakje van invloed is op het vakje ernaast. Wat ik nu kan en vindt is voor een deel bepaald door mijn opvoeding en wat ik heb meegemaakt.
  • Linksonder: dit is waar ik op terug kan vallen, het zijn mijn familie en goede vrienden.
  • Rechtsonder: dit is de context en de tijd. Toeval, geluk, op het juiste moment op de juiste plek zijn bij de juiste mensen met de juiste middelen.

Invulling van de mal

Ik heb deze licht aangepaste mal nu ingevuld met de kennis van de eerdere serie blogs over ondernemerschap. Dit zijn dus zaken die bijvoorbeeld terugkomen in redelijk gevalideerde testen voor ondernemerschap (met de kanttekening dat testen in de regel alleen kijken naar de interne kant en dus weinig rekening houden met geluk en toeval).

 

ScreenShot015

Eerder in de serie over ondernemerschap constateerde ik al dat er een redelijke mate van consensus is over de karakteristieken van een ondernemer in de bovenste twee kwadranten. De ene test heeft hier wat meer termen staan en de andere wat minder, soms wijkt het woordgebruik iets af,  maar grosso modo is dit wel het plaatje. Toch zijn hier wel kanttekeningen bij te plaatsen. Enerzijds zijn het vaak de woorden die je aan de borreltafel tegenkomt en waar je het moeilijk mee oneens kan zijn (zie bijvoorbeeld mijn blogs over Annemarie van Gaal). Dat een goede ondernemer volhardend moet zijn, zelfvertrouwen moet bezitten, kansen moet zien (en pakken) … duh. Minder vaak hoor je in diezelfde discussies zaken als ‘verlies kunnen nemen’ (dus op tijd stoppen, de ellende achter je laten, je fouten erkennen) en opportunistisch zijn (‘ach, ik doe maar wat’). Dat heeft dan weer te maken met dat we ondernemerschap mooier willen maken dan het soms in de praktijk is. Het is mooier om achteraf een succesverhaal te vertellen dan te erkennen dat we toevallig die ene kans hebben gepakt (opportunistisch) die zich toevallig voordeed. Maar ook is het vooral lastig dit soort termen te operationaliseren. Wat verstaan we er precies onder en hoe herkennen of meten we het? Maar dit laten we nu voor wat het is.

Musk in de mal

Nu kunnen we dan eindelijk de informatie uit de biografie van Musk in onze mal ‘plotten’.

 

ScreenShot016We beginnen bij de ‘start to finish’:

  • Musk heeft een sterke drive. ‘Elon Musk was here’ is written all over the place. Deze man heeft een flink ego en wil een blijvende indruk achterlaten. In het boek zien we duidelijk passages terug waaruit dit blijkt. Als een artikel over een van zijn bedrijven geen melding maakt van zijn persoonlijke rol en bijdrage gaat hij daarover in discussie om het recht te zetten. Met name zijn exit bij diverse bedrijven heeft tot veel discussie geleid in de media. Hij kon geen mensen aansturen, de belangrijkste ideeën lagen er al en hij heeft het alleen maar overgenomen etc. Hij laat niet na om in uitgebreide epistels zijn kant van de zaak te belichten. Overigens niets mis mee, begrijp me niet verkeerd. Het is juist mijn overtuiging (en verschil met WBW) dat goed ondernemerschap gebaat is bij een groot ego en de behoefte een stempel te drukken.
  • Met een groot ego en sterke drive om jezelf te bewijzen ben je er niet. Je kunt dat hebben en toch geen (goede) ondernemer zijn. Het is wel een noodzakelijke (denk ik) voorwaarde maar geen voldoende. Zo zijn er mensen met een sterke drive die de wetenschap in gaan of die kunstenaar worden of … wat niet al. Je bent pas ondernemer als je je ambitie waarmaakt middels ‘een concrete dienst of activiteit aanbieden met voldoende financiële armslag zodat continuïteit is gewaarborgd gedurende een zekere periode’.
  • En ook dan ben je er nog niet als je Musk wilt begrijpen. Je kunt een flinke drive of prestatiemotivatie hebben en een dienst willen aanbieden met voldoende continuïteit etc. Je kunt dan een goede ondernemer zijn die daar flink aan verdient of in ieder geval erkenning krijgt voor zijn persoon of persoonlijke bijdrage. Misschien is Hennie van der Most waar ik eerder een blog over schreef een voorbeeld van zo’n ondernemer. Maar dan ben je nog geen Elon Musk. Musk heeft binnen de verzameling ‘ondernemersdoelen’ een hele bijzondere uitgekozen, namelijk het beter maken van de wereld en zelfs het voortbestaan van de mens in het universum garanderen. Het meeste succesvolle ondernemerschap gaat niet over dit soort abstractie of hoogstaande doelen. Musk is zover ik het kan zien een uitzondering in de soort (zonder dat we nog weten waar die zeldzame keuze vandaan komt).

De strategie of de vereisten:

  • Als we linksboven kijken naar de benodigde eigenschappen of vaardigheden voor een goede ondernemer dan is mijn conclusie dat Musk (volgens de biografie nogmaals) aan al die eisen voldoet.
    • Hij heeft zelfvertrouwen. In het boek zie je meermaals de uitspraak: ‘dat kan ik zelf beter’.
    • Hij toont initiatief en toont lef. Toelichting overbodig lijkt me. Hij schrijft zelf mensen aan om stage te mogen lopen. Hij start meerdere nieuwe bedrijven op. Hij weet vooraf niet of het een succes wordt maar dat is voor hem geen reden af te haken.
    • Hij ziet kansen. Tijdens zijn studiejaren in de jaren 90 lijkt hij systematisch te scannen welke sectoren nog opgeschud kunnen worden door de inzet van nieuwe (internet-)technologie. Restaurants (Zip2), banken (X.com), ruimtevaart (SpaceX), auto’s (Tesla): het zijn geen toevallige ontdekkingen, vaak gaat er een serieuze voorstudie aan vooraf plus een dosis intuïtie en toeval (waarbij natuurlijk wel geldt dat naarmate je succes hebt, je meer mensen kent, die mensen ook op je afstappen en je zo steeds meer kans hebt tegen enorme kansen aan te lopen, Tesla is daar denk ik een voorbeeld van).
    • Musk is autonoom. De indruk die ik na het lezen van de biografie heb is zelfs: extreem autonoom. Niet zelden werken ondernemers in kleine teams of tweetallen (zie eerdere blogs) ondanks dat ze autonoom zijn in hun beslissingen. Bij Musk is daar nauwelijks sprake van. Hij werkt wel samen met mensen maar meer dan normaal wordt er (meestal dwingend) op zijn kompas gevaren. Als het pad te veel afwijkt van zijn eigen gewenste koers dan neemt hij corrigerende maatregelen (hij vertrekt zelf, ontslaat iemand etc). Heel opmerkelijk vind ik het feit dat Musk meerdere malen heeft afgezien van verkoop van een van zijn bedrijven. Ook in situaties waarin dat heel makkelijk of nodig was. Het argument was steeds: andere eigenaren gaan zich met mijn koers bemoeien, ik ben dan de regie kwijt over de zaken die er voor mij echt toe doen. De keren dat hij wél heeft verkocht waren juist een bijdrage aan het realiseren van zijn grotere doel: eindelijk het geld en de vrijheid krijgen om fysieke producten te maken die de wereld verbeteren (en niet beperkt te blijven tot software of gadgets). Hiermee is nogmaals duidelijk dat rijk worden sec niet het doel van deze ondernemer is: geld is een middel (tot zelfrealisatie en/of wereldfverbetering).
    • Volhardend: Musk geeft niet makkelijk op. Bij de aanvang van zijn carrière lijkt het relatief makkelijk te gaan, maar zeker bij SpaceX had het vele malen tot een faillissement kunnen komen en heeft Musk nagenoeg alle eigen geld en andere waardevolle zaken opgegeven om zijn doel te kunnen halen.
    • Opportunistisch: Musk maakt optimaal gebruik van wat zich in zijn omgeving aandient. Hij zoekt de voordelen van de opkomst van internet, hij trekt zelf naar de plaats waar het te doen is, hij gaat op zoek naar invloedrijke mensen die hem kunnen helpen.
    • Netwerker en verkoper: hij gaat zelf de boer op, is begonnen met simpel canvassen, is aanwezig waar hij aanwezig moet zijn om tot meer succes te komen.
    • Verlies nemen: deze is wat lastiger. Kan Musk zijn verlies nemen? Achteraf is het natuurlijk makkelijk praten, hij is er nog en wordt algemeen als succesvol gezien. Maar hij is een aantal keren financieel op het allerlaatste moment gered, zeker ook door toeval of geluk. Was het anders gelopen dan hadden we nu gezegd dat hij niet op tijd kon stoppen (en hadden we ook de biografie niet gehad overigens). Maar toch, Musk heeft juist als eigenschap dat hij naast een doorbraakidee ook zicht heeft op de financiële aspecten van zijn plannen. Dit is iets wat juist onderzoekers en wetenschappers vaak ontberen. Musk blijft aan zijn einddoelen vasthouden maar past zijn tussentijdse strategie vrij makkelijk aan aan de omstandigheden en dat zie ik ook als een teken van verlies kunnen nemen.
    • Een eigenschap die niet in de rijtje staat maar er volgens mij wel moet staan: sober kunnen leven. Dit is een boeiende. Vaak gaat het ondernemers om succes en ook vaak om rijkdom en uitstraling naar buiten (ook over pure passie trouwens, maar ondernemerschap legt juist een koppeling tussen passie en een renderende business case). Maar soms is het nodig om tussentijds zware offers te brengen en dat betekent soms helemaal terug naar de basis, afzien van alle luxe. Bij Musk zie je in ieder geval dat ie vele jaren op een soort bestaansminimum leeft (alle geld gaat naar het bedrijf), hij slaapt onder zijn bureau, heeft geen vaste verblijfplaats etc.
    • Nog een eigenschap die niet in de rijtjes staat maar die er misschien toch in thuis hoort? Elon Musk wordt niet gezien als een plezierig persoon in de omgang. Plat gezegd zou je kunnen zeggen dat hij over lijken gaat. Het doel heiligt de middelen. Meest schrijnende voorbeeld is de naaste medewerker (persoonlijke assistent) die 20 jaar voor hem werkt, dag en nacht, en dan vraagt om een loonsverhoging. ‘Ga jij maar eens een paar weken er tussen uit, gaan we kijken hoe het zonder jou lukt’. En het lukte zonder haar, ze hoefde niet meer terug te komen. Misschien is het voor succes in deze betekenis wel nodig dat je een enorme eikel bent? Musk zelf ziet dat overigens anders. Het einddoel is zo belangrijk en zo goed voor de mensheid als geheel dat je niet moeilijk moet doen over een paar spaanders die onderweg vallen. Waar gehakt wordt vallen spaanders.
    • Nog eentje waar te weinig over wordt gesproken: je moet voor al deze heisa een enorme hoeveelheid energie hebben. Dus je fysieke gesteldheid is van enorm belang (lijkt mij). Zoiets simpels is nu eenmaal niet iedereen gegeven voor langere tijd.
  • We gaan naar rechtsboven:
    • Hier gaat het om de opvoeding en specifieke gebeurtenissen. Standaard wordt het als een pre gezien dat een ondernemer uit een ‘ondernemersmilieu’ komt. Dat betekent dat ‘het ondernemen in het bloed zit’, het wordt met de paplepel in gegoten. Een neus voor zaken krijg je door veel hierover te horen en zien in je omgeving. Je familie en vrienden praten over kansen en geld verdienen en zo ga jij dat ook leren en overnemen (is de gedachte). Bij Musk is dat eigenlijk niet aan de orde. Zijn broer heeft een tijdje samen met hem in een bedrijf gezeten, maar de causaliteit ligt toch andersom (Musk was de trekker). De familie geeft weinig houvast als het gaat om (financieel) ondernemerschap.
    • Er zijn wel veel elementen in de biografie waaruit je zou kunnen afleiden dat Musk sterk is gevormd door zijn opvoeding en ervaringen in zijn jeugd.
      • Zijn opa trok de wereld rond, had een klein eigen vliegtuigje etc. Wat mij opvalt is dat deze verhalen steeds terug komen. Eigenlijk is het daarmee minder relevant of die opa ook daadwerkelijk zo bijzonder was. Waar het om gaat is dat de opa een mythische figuur met voorbeeldwerking is geworden. Iemand die zijn eigen gang ging, zijn eigen koers vaarde, opvallende dingen deed. Overigens komt de opa op mij over als een ondernemende kunstenaar, misschien iemand die de wereld een beetje veranderde, maar zeker niet met een business case.
      • Als kind las Elon veel, ging helemaal op in de techniek en de sciencefiction verhalen. Hij trok zich terug in zijn eigen wereld. Musk heeft volgens de biografie de kracht om nog niet bestaande werelden te kunnen verbeelden. Hij heeft het plaatje beeldend in zijn hoofd en hoeft daar maar naar toe te werken.
      • De drang om zichzelf te bewijzen kan ook te maken hebben met een wat minder gelukkige jeugd. Gepest worden op school, scheiding van de ouders, op jezelf aangewezen zijn. Ik ga hier niet de psycholoog uithangen maar in de biografie staan veel uitspraken van Musk die aan deze jeugdsituatie refereren.
  • Naar linksonder:
    • De stabiele thuisbasis die volgens psychologen onderdeel is van succesvol ondernemerschap. Je kunt je verlies pas nemen (en je fouten erkennen) als je een groep hebt die je onvoorwaardelijke liefde geeft en waar je altijd op terug kunt vallen. Los of dit waar is (en hoe dat te meten), heb ik de indruk dat Musk ook hier niet in het plaatje past. De thuisbasis is niet stabiel, noch in zijn jeugd noch in zijn situatie als volwassene. Eigenlijk heeft Musk geen privé-leven. Hij is altijd aan het werk of met werk bezig. Hij geeft ook vaker aan dat zijn werk belangrijker is dan zijn relatie(s).
  • Dan rechtsonder tenslotte:
    • Hier hebben we al het nodige over gezegd.
    • Wat was er gebeurd als Musk in de middeleeuwen had geleefd (en wel dezelfde opvoeding had gehad)?
    • Wat als hij 20 of 30 jaar eerder was geboren en niet de opkomst van internet op een jeugdige leeftijd had meegemaakt?
    • Wat als hij niet naar de VS was vertrokken (met de kanttekening dat hij daar heel bewust voor heeft gekozen)? Of als hij geen toestemming had gekregen aldaar te verblijven?
    • Wat als niet toevallig (?) een concurrent met hetzelfde product bezig was en er behoefte was aan een fusie?
    • We weten natuurlijk het antwoord op deze vragen niet. Het zou prima kunnen dat er dan andere succesvolle dromen zouden zijn waargemaakt, wie zal het zeggen. Maar hoe dan ook, ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat simpel toeval en geluk een flinke rol hebben gespeeld.

Samenvattend

Wat heb ik geleerd over deze zoektocht naar ondernemerschap en Musk?

  • Dat ook ik lange blogs kan maken. Ik kan qua lengte nog niet aan WBW tippen natuurlijk.
  • Ondernemerschap is en blijft een boeiend onderwerp. Ik vind nog steeds dat wij (en met ‘wij’ bedoel ik niet alleen Stijn en mijzelf, maar men in het algemeen) te weinig weten over ondernemerschap. En omdat ondernemerschap zo’n belangrijke rol speelt in onze maatschappij is dat lastig te verteren.
  • Elon Musk is een boeiend persoon en voor mij inderdaad een voorbeeld van uitzonderlijk ondernemerschap. Ik moet op de bronnen afgaan, maar het beeld dat ontstaat is vrij consistent over de diverse bronnen heen.
  • Musk is daarmee geen gemiddelde ondernemer. Hij is juist de uitzondering op de regel. Met name het hogere doel om de wereld te veranderen is zeldzaam. We moeten dus niet de fout maken: – Musk is een mooi voorbeeld van ondernemerschap, – Musk is een ondernemer, – dus hebben we meer ondernemers nodig. Dat is nu juist die mythevorming. Veel ondernemerschap is helemaal niet zo mooi (voor de mensheid) omdat er veel plattere doelen aan ten grondslag liggen (nogmaals, niks mis met platte doelen, maar niet de illusie hebben dat ondernemers de oplossing voor al onze problemen zijn). En ook moeten we niet vergeten dat ondernemerschap ook gepaard gaat met vele mislukkingen die niet worden beschreven en gepaard kan gaan met negatieve bijeffecten (niet alleen voor de ondernemer in kwestie, maar ook voor zijn omgeving).
  • De verklaring van WBW voor het succes van Elon Musk vind ik te beperkt. Het is een onderdeel van het succes van Musk maar niet het belangrijkste onderdeel (dat is volgens mij de unieke drive in combinatie met een aantal eigenschappen en overtuigingen). Voor succesvol ondernemerschap in zijn algemeenheid is de verklaring van WBW zelfs helemaal niet zo belangrijk. Er zijn vele succesvolle ondernemers die helemaal niet zo’n wetenschappelijke doorvraag houding hebben. Nu ik dat zo zeg: ik denk eigenlijk dat zo’n doorvraag houding flink in de weg kan zitten om ‘het te maken’. Het is anders: je moet een gevoel of intuïtie hebben wánneer je moet doorvragen en wanneer niet (meestal niet, een enkele keer wel).
  • De mal of sjabloon die we eerder hadden gemaakt op basis van een aantal blogs over ondernemerschap is wat aangepast. Ik zeg niet dat hij compleet of volledig is, maar ik heb voor het eerst het gevoel dat ik de belangrijkste elementen uit de biografie een logische plek kan geven. Het geeft mij in ieder geval het idee dat ik Musk (en zijn ondernemerschap) iets beter kan ‘pakken’. Ik ga zeker in de gaten houden of ik een volgende testcase kan vinden waarbij ik de mal nog een keer ga invullen om te kijken wat dat me oplevert.

Rudy van Stratum

 

 

 

Taleb’s antifragiliteit: van ridders naar roofridders

Eerder besprak ik hier Taleb’s nieuwste boek ‘Antifragiel’. Fragiel staat voor ‘kwetsbaar’. Een fragiel iemand is kwetsbaar voor verstoringen van buitenaf. Het tegenovergestelde van fragiel is ‘robuust’. Iets of iemand is robuust als het tegen een stootje kan. Nog iets beter dan ‘robuust’ is ‘veerkrachtig’ (resilient). Iets is veerkrachtig als het niet alleen tegen een stootje kan (en dan nog niet kapot of verslagen is) maar zelfs weer terug kan veren naar de oorspronkelijke (goede) toestand. Een veerkrachtige economie keert dus steeds weer terug naar zijn oorspronkelijke en gewenste evenwicht. De toevoeging van Taleb is dat veerkrachtig nog niet goed genoeg is. Nog sterker is als je na een verstoring of schok beter uit de strijd komt. Of nog sterker misschien: je floreert van schokken en verstoringen, hoe meer schokken hoe beter. Dat is dus wat Taleb ‘antifragiel’ noemt: kom maar op met die schokken.

De visie van Taleb

Taleb staat bekend als iemand die zijn mening niet onder stoelen of banken stopt. Hij zal met zijn vaak forse uitlatingen (beschuldigingen) niet alleen vrienden maken. Ik krijg het gevoel bij het lezen van ‘Antifragiel’ dat dit woord eigenlijk niet het echte onderwerp van het boek is. Het lijkt een aanleiding om zijn echte verhaal kwijt te kunnen. Dat ‘echte’ verhaal is verstopt door de hele tekst heen. Ik wil in deze laatste blog over ‘Antifragiel’ stil staan bij de visie van Taleb op onze maatschappij.

ScreenShot540Onderbouw en bovenbouw

De hoofdstelling van Taleb is volgens mij dat onze economie zeer kwetsbaar is (geworden). De grote boosdoeners zijn de economen met hun modellen en voorspellingen. De politici die blind varen op die grote modellen en de uitkomsten interpreteren als waarheden. De grote bedrijven die alleen maar op kosten letten en ons met een bombardement aan reclame steeds weer dwingen tot nieuwe consumptie. En de boosdoeners zijn de wetenschappers en grote instituten die met hun witte jassen misbruik maken van onze ‘autoriteits-bias’.

Dit noem ik maar even de ‘bovenbouw’. De bovenbouw handelt in illusies, doet of zij aan het stuur staat van de grote ontwikkelingen en uitvindingen, maar ondertussen zetten zij de zaak op scherp en wentelen de grote schade af op het collectief. De bovenbouw bestaat uit roofridders. De roofridders hebben ons waardeloze derivaten verkocht waardoor we nu in een zware crisis zitten. De roofridders willen dat we veel cola drinken en hamburgers eten zodat we vaker ziek worden en dus meer medicijnen nodig hebben. En al die reclame voor al die dingen die we niet nodig hebben, betalen we ook nog eens zelf.

Dat roept de vraag op waar dan wél de echte welvaart ontstaat. Wie zijn naast de roofridders dan de nobele ridders? De ridders dan zijn de helden die voor de echte uitvindingen zorgen. De onderbouw van ridders zorgt voor het echte fundament waarop de roofridders hun (slechte) werk kunnen doen.

De knutselaars

Die helden dat zijn de knutselaars in schuurtjes. De mensen zonder titel. De kleine ondernemers die huis en haard opofferen voor hun passie. Het zijn de vele miljoenen aanklooiers die met vallen en opstaan de mensheid verder brengen (en hebben gebracht). Hun namen komen niet in de krant, het leger prutsers is anoniem.

Het boek van Taleb zit vol met verwijzingen naar de denkfouten-literatuur. Ondernemers denken op micro-niveau het verschil te kunnen maken. Dat is wat de ondernemer het vuur geeft alsmaar door te willen blijven gaan. Ondertussen is wat zij (in hun schuurtjes) doen zeer kwetsbaar en dus fragiel. Wij zien niet de grote ellende die schuil gaat achter de 99% mislukkingen (survivorship bias). Wij zien alleen maar de paar kleine succesjes waar andere weer op voort kunnen borduren. Micro zijn onze helden dus fragiel.

De mooie paradox is dat de vele prutsers samen zorg dragen voor een robuust, veerkrachtig, ja zelfs antifragiel systeem. Juist door de mislukkingen en failissementen komen anderen net weer een stapje verder. Voor onze helden geldt dus: micro fragiel, macro antifragiel. Wij danken onze welvaart aan het grote leger anonieme knutselaars.

De windhandelaars

En dankzij deze uitvindingen ontstaat er welvaart. En deze welvaart stelt ons in staat ‘de wetenschap’ te organiseren. Witte jassen en mooie gebouwen worden daar van betaald. Een groot bedrijf pakt het eindresultaat van die jarenlange knutseltochten op en gaat daar mee aan de haal. Hier ontstaat een soort omdraaiing van de waarheid. Taleb spreekt hier van: telling birds how to fly. Een prachtige uitspraak, vind ik zelf. Een uitvinder komt vaak tot iets nieuws na jarenlang uitproberen en aanklooien. Hoe het uiteindelijk werkt weet hij ook niet, alleen dat het werkt. Vervolgens gaat de wetenschap de uitvinder vertellen hoe het dan eigenlijk werkt. In vogeltermen: de vogel kan al duizenden jaren vliegen maar kan niet uitleggen hoe ie dat doet. En dan komt er (daarna!) iemand in een witte jas die een heel boek schrijft over hoe vogels kunnen vliegen (hoe uitvinders tot hun uitvindingen komen).

Deze bovenbouw is in micro-opzicht robuust en antifragiel. Hier kan weinig misgaan. En als er iets misgaat: dan kom je met een nieuwe verklaring, een nieuw instituut etc. Maar, en dat is de situatie waarin we volgens Taleb verkeren, al die windhandelaars bij elkaar, zorgen dat we in een zeer kwetsbaar macro-systeem terecht zijn gekomen. Als er ergens iets misgaat, dan stort het hele bouwwerk in elkaar. Alles hangt met alles samen. Achteraf bedachte modellen om de koersen te voorspellen gaan een eigen leven leiden en gaan de échte koersvorming (van aandelen, van huizen) bepalen. En alles wat er hier fout gaat, wordt afgewenteld op ‘de maatschappij’, op het grote leger aan knutselaars die maar weer een nieuwe ronde moet opkrabbelen. De ‘bail-outs’ van banken die ’too big to fail’ waren zijn daar een voorbeeld van.

Evaluatie

Relativering: dit is een verhaal dat bij Taleb tussen de regels door is te lezen. En dan ook nog wat er bij mij is blijven hangen van dat verborgen verhaal. En dan ook nog in mijn woorden (zover ik weet gebruikt Taleb de begrippen onderbouw en bovenbouw niet). Ik ben zeker benieuwd naar hoe anderen dit verhaal hebben gelezen.

Ik denk dat Taleb een wat te romantisch beeld neerzet van de onderklasse van krabbelende ‘knutselaars’ en een te negatief beeld van de bovenklasse van de rovende ‘witte jassen’. Maar toch … een afwijkend betoog dat mij van begin tot eind heeft geboeid.

Rudy van Stratum

 

 

 

Tegendenken met Taleb (2): antifragiel

Alweer enkele maanden geleden begon ik manmoedig met de aankondiging dat ik het boek ‘Antifragiel’ van Taleb ging bespreken. Door andere activiteiten ben ik niet meer aan een vervolg toe gekomen en is de inhoud wat weg gezakt. En ondertussen heeft Guus Hustinx zelf al een prima verhaal over zijn ervaring met Taleb gepubliceerd.

Ik verwijs dus gemakshalve naar het verhaal van Guus zodat ik niet meer hoef uit te leggen dat Taleb een professor, filosoof, voormalig beurshandelaar, restaurantbezoeker etc is die nog nooit een opleiding heeft afgemaakt.

Van fragiel naar antifragiel

Taleb heeft behoorlijk wat bladzijden nodig om iets simpels uit te leggen. De kern van zijn betoog is het onderscheid tussen fragiel, robuust en antifragiel. Dat laatste woord is, zover ik dat kan beoordelen, nieuw en door Taleb bedacht.

Fragiel. Iets is fragiel als het kwetsbaar, breekbaar is. Als je een kerstbal op de plavuizen vloer laat vallen valt ie in duizenden stukjes uiteen. Dat is dus een fragiele kerstbal. Een systeem is fragiel als er maar ‘dit’ hoeft te gebeuren en er treedt behoorlijke schade op. Een organisatie is fragiel als het bij een zuchtje tegenwind failliet dreigt te gaan.

Dat is niet zo schokkend om te horen. Taleb beweert echter dat ons Westerse systeem (economie, onderwijs) ingebouwde trekken heeft die leiden tot intrinsieke fragiliteit. Een voorbeeld. Wij streven naar een hogere welvaart en doen dat door ons te specialiseren. Ieder van ons legt zich toe op datgene waar die het beste in is. Dat leidt inderdaad tot een steeds sneller en efficiënter productieproces en tot steeds goedkopere en betere auto’s, televisies etc. Maar het maakt onze economie ook kwetsbaar. Een schakeltje dat wegvalt kan betekenen dat er geen eindproduct meer kan worden gemaakt. In tijden van rampen en oorlog kunnen we niet meer in onze voedselbehoefte voorzien. Als een gewas in een monocultuur een ziekte oploopt dan heb je ook echt een probleem (met je hele voorraad). Kiezen voor meer rendement betekent vaak ook kiezen voor een hoger risico en dus een hogere kwetsbaarheid.

Robuust. Wat is het alternatief van kwetsbaar of fragiel zijn? Het antwoord dat je vaak hoort is: robuust worden. Dat betekent dat je je systeem zodanig moet inrichten dat het tegen een stootje kan. Veerkrachtig moet het zijn. Of in een fraai Engels woord: resilient. De kerstbal krijgt dan een rubberen coating en bij een slow-motion opname van een vallende bal zie je prachtig hoe de bal licht wordt ingedeukt en vervolgens weer terugspringt in de oude stand en zo weer omhoog komt tegen de zwaartekracht in. Soms betekent kiezen voor meer veerkracht misschien ook dat je een lager rendement hebt. Als je ervoor kiest om auto’s met een heel team te maken waarin mensen elkaars taken kunnen overnemen (minder kwetsbaar voor uitval van een van de medewerkers) betekent dat misschien ook dat je minder auto’s per uur kunt maken. Maar misschien ook niet. Misschien worden medewerkers wel gemotiveerder en zijn ze minder ziek en wordt de productie op jaarbasis juist wel hoger?

Nog steeds oude koek allemaal. Enter: antifragiel (zoals Rutger Bregman vaak in zijn essays gebruikt, enter x).

Antifragiel. Dat betekent dat je niet alleen minder kwetsbaar wordt maar dat je juist beter wordt van onverwachte gebeurtenissen. Dus een kerstbal die op de grond valt en daar een betere bal van wordt. Een economie die zodanig is georganiseerd dat bij een zware crisis een betere economie ontstaat (dus niet alleen maar herstelt). Een bedrijf dat hoopt op een crisis omdat het daar beter van wordt. Is dat niet wat ver gezocht? Kan dat eigenlijk wel?

Wasmachine kopen?

Best lastig en contra intuïtief. Laat ik twee voorbeelden bedenken en die (zoals ik het begrijp) omzetten naar het denkkader van Taleb. Een micro-voorbeeld en een macro-voorbeeld.

Je wilt een wasmachine hebben. Een fragiele oplossing is dat je geld gaat lenen bij een bank (terwijl je maar een zo-zo inkomen hebt) en vervolgens naar de winkel stapt om zo’n ding mee naar huis te nemen. Er hoeft maar iets te gebeuren en je komt in de problemen. Het ding gaat stuk en je kunt het niet laten repareren (want geen geld). Of je verliest je baan en kunt niet meer aan je maandelijkse verplichting tot rente en aflossing voldoen.

Een betere en robuuste oplossing is dat je eerst gaat sparen en bij voldoende saldo naar de winkel stapt om dezelfde wasmachine te kopen. Je bent nu minder kwetsbaar voor externe en toevallige schokken. Als je nu je baan verliest kun je gerust in schone kleren blijven solliciteren. Ook een robuuste oplossing is een tweedehandse wasmachine op marktplaats te kopen. Of een verzekering af te sluiten die dekt voor verlies van inkomen of disfunctioneren van de machine. Het aanleggen van een buffer zorgt voor de benodigde veerkracht. Dat is de ijzeren voorraad die een stootje kan opvangen. Merk op: meestal leidt dat ook tot een lager rendement (sparen betekent dat je pas later van je machines kunt genieten, het afsluiten van een verzekering betekent een lager resterend bedrag voor uitgaaf aan andere dingen etc).

Maar nog steeds word je niet beter van een externe schok. Dus wat is nu een antifragiele wasmachine beslissing? Dat je met meerdere mensen gezamenlijk een wasmachine koopt en zo de kosten deelt. Dat in die club van meerdere gebruikers er ook iemand is die verstand heeft van wasmachines en die dus kan repareren. Dat je door de aankoop van de wasmachine meer sociaal contact met je buren hebt en zo ook makkelijk suiker kan lenen of maaltijden die toch over zijn kan nuttigen. Gaat de wasmachine dan kapot dan leidt dat tot allerlei positieve bijeffecten. De doe-het-zelf reparateur vervangt een dun plastic plaatje door een stevige metalen balk die hij toch al had liggen. En gebruikt geen lullig schroefje maar last het even vast. Of de wasmachine gaat kapot en in de tussentijd is er een goedkoper en zuiniger model op de markt verschenen (wat overigens weer mogelijk is gemaakt door de keuze voor specialisatie van fabrikanten?).

Zo’n beeld komt er bij mij op. Wat wij eerder in onze beslisboom ‘financiering van onderaf’ hebben genoemd, lijkt me een voorbeeld van antifragiel. Je wordt minder afhankelijk van banken en lost het onderling op.

Dijkje bouwen?

Nog een voorbeeld, op macro niveau. Stel er is een kans op overstroming en je land loopt vol water. Een kwetsbare en fragiele manier van handelen is gewoon een huis bouwen en uitrekenen dat de kans op overstroming minimaal is (eens in de 100.000 jaar). Je vergadert je helemaal suf en concludeert dat je gaat voor een hogere consumptie in het heden en geen extra belastingheffing over hebt voor iets dat eventueel ooit kan gaan gebeuren. Zoiets hebben we natuurlijk jarenlang gedaan door met geleend geld een huis te kopen in combinatie met een beleggingsrekening.

Wat is dan een robuuste oplossing voor de kans op overstroming? Dat is dan het bouwen van een dijk rond je woongebied bijvoorbeeld. Of je besluit dat op een bepaald deel niet gewoond mag worden, dat bestem je dan tot overloopgebieden. Het systeem vangt dan het overtollige water op en je kunt op een veilige afstand kijken hoe het water na enkele dagen weer netjes terug vloeit. Een robuuste oplossing die het systeem (van wonen en werken) in stand houdt. Ook hier geldt overigens dat er een prijs moet worden betaald. Het bouwen van een dijk kost nu eenmaal geld en betekent op kortere termijn afzien van andere consumptie.

Maar het bouwen van een dijk is nog steeds niet antifragiel. Van een overstroming wordt je niet beter immers.

Dus hoe kun je dit antifragiel aanpakken? Dat je als er dan toch een overstroming optreedt dat je dan meteen energie opwekt uit de ontstane getijden-wissel. Dat je dan meteen de vissen die achterblijven opvangt en ’s avonds op de plaatselijke BBQ feestelijk consumeert. Zoiets denk ik dan.

Rendement en risico

Is het verhaal van Taleb dan een andere vertelling van het oude en bekende verhaal dat rendement en risico altijd een ’trade-off’ vormen? Een hoger rendement betekent een hoger risico? Het gaan voor het grootste gewin op de korte termijn betekent dat je bij een onverwachte gebeurtenis een hele hoge prijs betaalt? Het inbouwen van een buffer geeft je meer veiligheid maar betekent ook wat minder genot op andere vlakken?

Ik ben er niet helemaal uit. Dit verhaal lijkt op te gaan voor de traditionele keuze tussen fragiel en robuust. Het antifragiel verhaal gaat een stap verder en betreft een synergie-effect. Ik zou in onze terminologie zeggen: je moet ook kijken naar de verborgen kosten en opbrengsten die een maatregel met zich meebrengt. Is het boek van Taleb in die zin niet (onbedoeld, onuitgesproken) een betoog om duurzaam te handelen? Of in termen van Guus Hustinx zijn betoog: om meer ecologisch te handelen? Te handelen door rekening te houden met de langere termijn en (de effecten op) het grotere geheel?

Dus: Taleb + antifragiel = economische trade-off rendement en risico + verborgen kosten = wat anderen duurzaam of ecologisch noemen.

Vervolg

Ik kan op dit moment niets beters bedenken, dus tot iemand met iets beters komt laat ik het zo staan.

Ik had een paar maanden geleden weer eens een hele mindmap van het boek van Taleb gemaakt en wilde daar dan bij elke tak een stukje over schrijven. Als ik er nu (waar ging het ook alweer over?) nog eens naar kijk, lijkt het wel of Taleb met name twee dingen doet:

  • Het nieuwe begrip antifragiel invoeren (zie hierboven, genoeg daarover).
  • Zijn persoonlijke visie (frustratie?) geven op onze maatschappij die automatisch neigt naar fragiliteit.

 

Ik laat de mindmap in mijn archief zitten en wil de volgende en laatste blog over Taleb’s Antifragiel wijden aan zijn visie op onze maatschappij.

Rudy van Stratum

 

 

 

 

Tegendenken met Taleb (1)

Ik ben druk aan het lezen in het boek ‘Antifragiel’ van ‘zwarte-zwanen’-Taleb. Hoe dan ook is het boek een voorbeeld van tegendenken en moet het hier dus meer aandacht krijgen. Ik weet nog niet hoe we dat precies gaan doen. Er zijn meerdere invalshoeken die nu bij me opkomen (en een link met deze site slimmefinanciering hebben):

  • Tegendenken aan de hand van voorbeelden/anekdotes en casuïstiek. Sommige voorbeelden komen meerdere malen terug (steeds in een ander jasje, dat is interessant). Misschien zien we hier wel een patroon?
  • De visie die Taleb heeft op economen, op bankiers en op (financiële) modellen (tipje van de sluier: die komen er verdomd slecht vanaf). (over economie op deze site, zie bijvoorbeeld deze blog).
  • Visie van Taleb op de moderne maatschappij, de wetenschap, het onderwijs, de verregaande neiging alles te willen organiseren en controleren en te rationaliseren.
  • Het gebruik door Taleb van een aantal denkfouten (zoals hier eerder besproken, maar vooral met verwijzing naar het werk van Kahneman).
  • De visie van Taleb op ondernemerschap. (over ondernemers op deze site, zie bijvoorbeeld deze blog).

 

Anekdotes

Ik moet het nog allemaal laten bezinken (en het boek nog uitlezen). Maar om een beeld te geven van wat ik met zo’n anekdote bedoel. Taleb zegt het in een bijzin, zo even terloops: ‘Wat gezond wordt genoemd is meestal ongezond. Eigenlijk net zoiets als ‘sociale netwerken’ die in de regel anti-sociaal zijn en de ‘kennis-economie’ die in de regel onwetend is’.

Dat laatste punt had ik recent al gezien in een artikel in de New-Yorker dat gaat over het valse taalgebruik in economisch jargon (en waarbij de economen er wederom van langs krijgen). Het gaat om taal die bewust wordt ingezet om waar het echt om gaat te verbloemen.

Zo was een hedge-fonds oorspronkelijk bedoeld om risico in te dammen. Je deed een ’tegentransactie’ om je ‘exposure’ (het risico waaraan je door een andere actie bent bloot gesteld) te laten verdwijnen. In de praktijk betekent ‘hegde-fonds’ inmiddels vooral dat je veel risico loopt en veel geld kan verliezen.

Inflatie, ook zo’n mooi woord en nog een beter voorbeeld. Inflatie betekent eigenlijk dat iets steeds groter wordt. Een ballon die wordt opgeblazen, die heeft last van inflatie. Maar in de praktijk betekent inflatie nu juist het omgekeerde: je geld wordt steeds minder waard.

Krediet, dat betekent eigenlijk dat je iets tegoed hebt. Je hebt krediet bij iemand. Maar ook hier is inmiddels sprake van een omkering. Als je veel krediet bij de bank hebt, dan betekent dat simpelweg dat je veel schuld hebt en in de problemen gaat komen (er hoeft maar iets te gebeuren en …).

(Misschien zou je het toenemend gebruik van het ‘canvas-model’ ook een voorbeeld kunnen noemen van verhullend economisch taalgebruik? Maar zie ook onze eerdere blog over MVO (maatschappelijk verantwoord ondernemen).

Komende weken

De komende weken zal ik de verschillende invalshoeken op het boek van Taleb verder uitwerken. Ik denk dat het de moeite waard is. Taleb is een mooi icoon van hedendaags tegendenken. Dus hoe doet die man dat? Welke aanpak hanteert hij?

Misschien dat we ‘Zwarte zwanen’ er ook weer bij halen. Stijn en ik hadden er destijds al wat infographics van gemaakt maar op de een of andere manier waren we toen niet tevreden en hebben we er niks mee gedaan. Afstoffen die boel dus.

ScreenShot257

En dat brengt me op …

Tegendenken dus. Meer weten over tegendenken? Bestel dan alvast dat boek waar we mee bezig zijn. En waar we nog wat hulp bij kunnen gebruiken. We hebben een aparte site gemaakt die het boek over ‘De kunst van het tegendenken’ centraal zet.

Rudy van Stratum

PS Met dank aan Guus Hustinx die het boek onder mijn aandacht heeft gebracht.

 

 

Biecht van een bankier

Aanstaande zondag is er op de VPRO-televisie onder de ’tegenlicht’-vlag een uitzending ‘De biecht van een bankier‘. Het is nu precies een jaar geleden dat we aandacht schonken aan de ‘voorloper’ van deze uitzending ‘Het brein van een bankier’ waarin Joris Luyendijk zijn inside-story vertelde van binnenuit de Londense financiële wereld.

Dynamiek

Nog voor de vertoning van de documentaire zie je al discussies optreden op diverse fora. De strekking is meestal iets van: ‘weer zo’n bankier die zogenaamd spijt heeft als ie is ontslagen of na het verdwijnen van zijn bonus in een keer het licht heeft gezien’.

Wat wij een jaar geleden hebben willen laten zien in deze infographic is dat de werkelijkheid wat complexer is. Zoals wij toen naar de uitzending keken, zagen we drie partijen die in een groter systeem aan elkaar waren verbonden. De partijen waren naast de bankier zelf, de techneut annex modellenbouwer / nerd en de argeloze consument/belegger. De onderlinge dynamiek beschrijft in termen van denkfouten uit de psychologie hoe het een tot het ander kan leiden.

De context is er een van toenemende deregulering op de financiële markten. Dat is een bijna wereldwijde beweging die je vanaf de jaren 80 ziet en weer is ingegeven door een andere ideologische wind (met verwijzing naar oa Reagan in de VS en Thatcher in de UK). Bankiers benutten deze nieuwe vrijheid door nieuwe producten te ontwikkelen en meer risico’s te nemen. De nieuwe ict-techniek en sophisticated modellen van nerds suggereren een bijna volmaakte ‘in control’ sfeer. Het inmiddels wereldberoemde boek ‘Zwarte zwanen’ van Taleb gaat hier uitgebreid op in. Bankiers komen in een verslavende overwinnaarsroes terecht omdat meer techniek, meer controle, meer risico, meer bonus jarenlang prima werkt. Maar de nieuwe ‘Masters of the world’ kunnen hun werk alleen maar doen als er ‘muppets’ van consumenten zijn die de volstrekt ondoorzichtige producten willen afnemen. Jarenlang verdienen deze micro-beleggers goed aan de nieuwe dynamiek en steeds meer mensen stappen op de rijdende trein.

Op afstand

Wat wij met de infographic wilden laten zien is dat we ‘met zijn allen’ in deze dynamiek terecht zijn gekomen. Eerder met een waardevrije blik en op een zekere veilige afstand. Vanuit elke speler bezien zijn de acties rationeel en tot op zekere hoogte te begrijpen. Pas als je iets waardevrij probeert te begrijpen kun je nadenken over mogelijke interventies of alternatieven (is onze stelling).

Dat wil natuurlijk nog niet zeggen dat je alle acties van spelers moet goedkeuren of dat je blij bent met het eindresultaat. Dat maakt het ook meteen zo lastig de discussie op een productieve manier te voeren.

Rudy van Stratum